naar top
Menu
Logo Print

CORRECT PLAATSEN ONDERDAKFOLIE GARANDEERT PERFECTE BESCHERMING

VOCHT- EN WINDDICHTE FOLIES VERZEKEREN EEN GOEDE ISOLATIEWAARDE

onderdakfolie

Een correcte plaatsing van onderdakfolies garandeert een perfecte bescherming van de dakisolatie en de onderliggende dakconstructie. Zowel wind en regen als poedersneeuw kunnen anders voor warmteverliezen zorgen of maken dat de theoretisch berekende isolatiewaardes niet gehaald worden. In wat volgt, wordt uit de doeken gedaan welke types onderdaken er bestaan, wat hun voordelen zijn, hoe ze geplaatst moeten worden en met welke aandachtspunten er rekening moet worden gehouden.

 

 

WINDDICHTE AFWERKING ONDERDAK NOODZAKELIJK

De meeste hellende daken krijgen tussen de dakbedekking en de isolatielaag een onderdak. Zo’n tussendak kan uit platen of folie bestaan. Beide hebben als functie ongewenste infiltratie van regen, sneeuw, stof of wind in de constructie te vermijden en de afvoer van insijpelend water te regelen. Als de onderliggende isolatie vochtig wordt of met luchtstromen in contact komt, verliest ze namelijk een groot deel van haar isolatiewaarde, met energieverspilling tot gevolg. Een niet-winddicht onderdak heeft dus een negatieve invloed op de waarde van de isolatie. Dat verklaart waarom architecten steeds vaker winddichte afwerking voorzien in het lastenboek. Enkel een correcte plaatsing van het onderdak zorgt echter voor een perfecte bescherming van de dakisolatie en de -constructie. Zelfs wanneer er nog geen pannen op het dak liggen, heeft een onderdak nut. Het zorgt dan voor een tijdelijke verzekering van regendichtheid en waterafvoer. In geen geval mag een onderdak echter langdurig als dakbedekking gebruikt worden.

Folie of platen

Beide types onderdak hebben hun voordelen. Dakfolies zijn echter in de eerste plaats goedkoper en sneller te plaatsen dan dakplaten, mede omdat ze gemakkelijker aan te sluiten zijn op dakgoten of dakramen. Bij het gebruik van platen wordt er vaak toch voor een combinatie met folie gekozen om waterdichtheid te garanderen. Wanneer er echter thermische en akoestische eisen voor het onderdak zijn, krijgen platen de voorkeur. Ze vormen immers een bijkomende ononderbroken isolatielaag en laten minder wind door dan niet-afgekleefde onderdakfolies. Ook als de dakisolatie gespoten wordt, bijvoorbeeld met cellulosevlokken, wordt er vaker voor platen gekozen. Anders bestaat de mogelijkheid dat de folie naar buiten geduwd wordt en de waterafvoer belemmert.

folie
Voor een optimaal resultaat worden de verticale naden vastgeniet en verkleefd

VERSCHILLENDE TYPES FOLIE

Samenstelling

Er bestaan verschillende soorten onderdakfolie. De vier vaakst gebruikte bestaan uit:
• Geëxtrudeerde polyethyleenvezels;
• (On)Geweven polypropyleenfilm;
• Meerlagig polyolefinemembraan;
• Een met polyurethaan omhulde polyesterfilm.

Keuzetips

In België wordt er in 60% van de gevallen gekozen voor een polypropyleenfolie. Daarnaast bestaat 30% van de onderdaken uit polyurethaan. Ongeacht de samenstelling, is de folie best capillair. Dat betekent dat eventueel condensatievocht langs onderen wordt opgenomen en naar buiten wordt gevoerd. In België is het ook belangrijk een folie met hoge nageldoorscheurweerstand te kiezen. Die folies worden minder vlug beschadigd wanneer een dakwerker er tijdens de werkzaamheden per ongeluk op trapt, waardoor de waterdichtheid beter gegarandeerd wordt. In elk geval wordt het aangeraden om voor een dampopen folie te kiezen, zodat waterdamp uit het dak weg kan in plaats van zich op te stapelen in de dakconstructie. Die waterdamp ontstaat als er warme lucht tussen het onderdak en de isolatie terechtkomt.

onderdakgoot
Onderdakfolie mag nooit in de goot hangen

WETGEVING, NORMERING

Het plaatsen van een onderdak is in België niet verplicht. In de Technische Voorlichtingen van het WTCB wordt het echter wel aangeraden een onderdak te plaatsen. Indien dat gebeurt met onderdakfolie, moet die in elke omstandigheid CE-gekwalificeerd zijn. Dat bewijst dat de folie gekeurd is naar Europese normen inzake veiligheid, gezondheid en de bescherming van het leefmilieu. Verder moeten uiteraard de algemene plaatsingsvoorschriften van de fabrikant in acht worden genomen.

Kwaliteit dakfolie

Elke CE-gekwalificeerde onderdakfolie moet verplicht over een prestatieverklaring beschikken. Tijdens uitvoerige metingen op basis van Europese testmethodes (NBN EN 13859-1) wordt de kwaliteit van de folies bepaald. Ook de waterdichtheid, de brandwerendheid, de treksterkte, de scheurweerstand, het gedrag na veroudering, de waterdampdoorlaatbaarheid etc. worden in de prestatieverklaring opgenomen. Op die manier kunnen verschillende folies gemakkelijk met elkaar vergeleken worden.

PLAATSINGSVOORSCHRIFTEN

Folie zonder dakbedekking

Wanneer er nog geen dakbedekking op het dak ligt, zijn de bevestigingspunten in de onderdakfolie de gevoeligste plaatsen voor infiltraties. Water kan dan namelijk via nagels of schroeven naar binnen dringen. De dakwerker kan tijdelijk een zeil over het onderdak plaatsen, maar het inbouwen van nageldichtingsbanden tussen de folie en de tengellatten is een efficiëntere oplossing. Daarnaast wordt het aangeraden om liefst binnen de twee tot drie weken de definitieve dakbedekking op het onderdak te plaatsen. De folie mag namelijk niet langdurig blootgesteld worden aan extreme weersomstandigheden en ook uv-licht kan zorgen dat de levensduur van de folie daalt.

Plaatsingswijze

Onderdakfolie wordt evenwijdig aan de dakvoet gebruikt, van onderen naar boven, in horizontale banen en met de bedrukte zijde naar boven. De onderdakfolie wordt met een nietsysteem in de overlap, op de kepers (van keper tot keper) of spanten bevestigd, en niet in het vlak zelf. Het vastnieten gebeurt enkel ter hoogte van de overlappingen, omdat perforaties die door nietjes onafgedekt blijven, niet waterdicht zijn. De folie wordt daarbij ook altijd wateraflopend gemonteerd, zodat de foliestrook wordt overlapt door de strook erboven. Veel producenten hebben folies in het gamma met standaardmarkeringen, zodat de overlaplengte in één oogopslag correct is. Die overlap bedraagt ongeveer 10 cm. De exacte afmetingen ervan worden bepaald op basis van de dakhelling. Daken met meer dan 25° helling vragen een overlap van 10 cm, tussen 15° en 25° is 15 cm overlap vereist en hellingen van 10° tot 15° hebben een overlap van 20 cm nodig. De uiteindelijke bevestiging gebeurt met tengellatten van minstens 15 mm dik. De tengellatten worden door de folie in de kepers genageld (met rvs-nagels) of gevezen. Er moeten ook minstens twee bevestigingspunten per strekkende meter voorzien worden.

opbouw dak
De opbouw van een dak

Gebruik van kleefbanden

Om een optimaal resultaat te bekomen, wordt aangeraden de verticale naden niet enkel vast te nieten, maar ook te verkleven. Dat garandeert een water- en winddicht resultaat en zorgt dat de folie bij veel wind niet opwaait. Om de naden en overlapzones van de folie te verkleven, kunnen er kleefbanden gebruikt worden. Vooral bij industriële toepassingen wordt er regelmatig gekozen voor plakband op rol of voor verlijming (vooral bij industriële toepassingen). Een laatste mogelijkheid is het lassen met hete lucht, maar dat is een methode die vooral bij platte daken en bij kleine hellingen gebruikt wordt. Werken met folies met een geïntegreerde verklevingsband, daarentegen, geniet vaak de voorkeur omdat dat snel gaat en goedkoper is dan het gebruik van klevende tapes. Daarnaast bestaan er ook afdichtingstapes die aangebracht worden rond naden, dakboringen, dakvensters en schouwaansluitingen om ook daar water- en winddichtheid te garanderen.

Kilgoten

De kilgoten, waar twee dakvlakken aan de onderzijde samenkomen en waar het water naartoe loopt, moeten extra afgewerkt worden. Voor het plaatsen van de folie worden ter hoogte van de kil planken gelegd in de hoek, gevormd door de dakvlakken. Op die houten constructie komt de folie (verticaal en in één stuk), ze is het best iets breder dan de houten constructie. De horizontale folies moeten de folie op de kil overlappen en worden parallel met de kilgoot afgesneden. Tot slot worden er pan- en tengellatten geplaatst om de metalen kielgoot op te bevestigen.

Aandachtspunten en tips

overlap
De folie wordt met voldoende overlap in de dakstructuur geniet

• Kies voor een dampopen folie, waardoor waterdamp kan ontsnappen in plaats van te condenseren in de isolatieconstructie;
• Hou rekening met een correcte overlap: hoe kleiner de helling, hoe groter de overlap;
• Een goede aansluiting met de goot is essentieel voor de winddichtheid. De folie moet in de goot afwateren (zonder zichtbaar in de goot te hangen), zodat waterstagnatie achter de goot onmogelijk is;
• Diezelfde folie mag ter hoogte van de goot geen tegenhelling vertonen, ze moet overal licht gespannen en niet doorhangend geplaatst worden, en moet eventueel beschermd worden door metalen slabben of er kan gewerkt worden met een pan met gebogen boord. 

 TRENDS EN EVOLUTIES

Er zijn enkele recente nieuwigheden op de markt van de onderdakfolies:
• Er bestaan tegenwoordig specifieke dakfolies waarop (zonne)panelen geplaatst kunnen worden. Het grote voordeel van deze nieuwigheid is dat er dampopen gewerkt kan blijven worden;
• Naast houten ‘open gevels’ kan er tegenwoordig op licht hellende daken gewerkt worden op een open houten bekleding. Er is dan een waterkerende, dampopen en uv-bestendige onderdakfolie nodig, die weerstand biedt tegen de vaak voorkomende slagregen. Vanaf een hellingsgraad van 5° kunnen folies onder garantie toegepast worden;
• Steeds vaker worden er dubbelzijdige kleefbanden gebruikt op basis van butylacryllijm die op metselwerk en op folie kleeft;
• Onderdaken worden ook steeds vaker, als noodoplossing, van binnenuit aangebracht, waardoor er niet op het dak geklommen moet worden voor de verkleving. Dat heeft echter wel als gevolg dat de houten dakconstructie niet beschermd wordt en dat het onderdak niet in de goot uitmondt.

Met dank aan: Isoproc, Klöber Benelux, Leister Technologies Benelux, Morgo Folietechniek en Wienerberger.