Hybride leren als antwoord op het tekort aan technici
Vademecum Hout verenigt onderwijs, industrie en praktijk
Tijdens het Symposium Technisch Onderwijs werden er verschillende initiatieven gedeeld over hoe de kloof tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt kan worden gedicht. Een toonbeeld van zo'n initiatief is het Vademecum Hout, een hybride leerboek voor studenten houtbewerking/houttechnieken. Kurt Buelens, technisch adviseur bij PTS Boom, en Pieter-Jan Muijs van Robland vertellen over hun ervaring met het Vademecum Hout.
Het Symposium als katalysator
Het Vademecum Hout vindt zijn oorsprong in de eerste editie van het Symposium Technisch Onderwijs, dat Professional Media Group (PMG) in 2024 organiseerde. Wat begon als een overlegmoment tussen onderwijs, bedrijven en overheid, groeide uit tot een breed gedragen initiatief. Woodwize daagde PMG tijdens het symposium uit om samen met de onderwijskoepels een koepeloverschrijdende basisaanpak voor houtopleidingen in de tweede graad te ontwikkelen. Vanuit die ambitie ontstond een unieke samenwerking tussen PMG, Woodwize, Fedustria, bedrijven en onderwijskoepels, met als resultaat een innovatief hybride leerinstrument dat theorie en praktijk op een uniforme manier samenbrengt. In september 2025 werd de eerste druk van het Vademecum Hout voorgesteld in PTS Boom en gratis verspreid naar 5.500 leerlingen en leerkrachten.
##video:LTSbe2500V00##
Een hybride leerinstrument
Het Vademecum Hout is een hybride leerinstrument dat het technisch onderwijs ondersteunt met zowel een fysiek boek als een digitale leeromgeving via TEC Assistant. Die combinatie blijkt volgens leerkrachten en bedrijven een duidelijke meerwaarde te bieden op de klasvloer én in de voorbereiding.
"Leerlingen hebben dat boek fysiek naast zich liggen, maar het digitale verhaal geeft zo'n meerwaarde" - Kurt Buelens, PTS Boom
Voor Kurt Buelens, technisch adviseur bij PTS Boom, zit de kracht van het fysieke boek in de directe toepasbaarheid tijdens de praktijklessen. "Het boek ligt naast je op de werkbank", vertelt hij. "Het is niet meer het verhaal van ‘meneer, ik heb mijn laptop niet bij, ik kan niet zien wat ik moet doen'." Volgens Buelens zorgt dat voor meer zelfstandigheid bij leerlingen en een vlottere werking in het atelier. "De leerlingen vinden dat super duidelijk en overzichtelijk, én ze vinden het makkelijker om te studeren, al zullen we dat nog moeten ondervinden", lacht hij.
Naast het boek speelt ook het digitale luik een belangrijke rol. Via TEC Assistant kunnen leerkrachten eigen materiaal toevoegen en cursussen op maat samenstellen. "Leerlingen hebben dat boek fysiek naast zich liggen, waarbij ze notities of aanvullingen kunnen bijsteken, maar het digitale verhaal, dat geeft zo'n meerwaarde", aldus Buelens.
Ook vanuit het bedrijfsleven wordt het hybride karakter benadrukt. Pieter-Jan Muijs van Robland ziet vooral de voordelen van gedeelde en gecentraliseerde kennis. "Waarom doen al die scholen die voorbereiding allemaal apart?", vraagt hij zich af. "Waarom centraliseren we die kennis niet wat meer?" Volgens hem laat het Vademecum toe om lesmateriaal te bundelen en actueel te houden, met ruimte voor eigen invulling. "Leerkrachten kunnen het online handboek gebruiken en zelf heel eenvoudig hun eigen draai eraan geven om zo die zelfstandigheid als leerkracht toch te behouden."
Motivatie vanuit het bedrijfsleven
Voor Pieter-Jan Muijs, hoofd van de salesafdeling van Robland, vertrekt de motivatie om het Vademecum Hout te ondersteunen vanuit een duidelijke vaststelling op de arbeidsmarkt. "De eerste en belangrijkste reden is gewoon een zwaar tekort aan technici", stelt hij. "Het is heel moeilijk om gemotiveerde technische mensen te vinden." Dat probleem beperkt zich volgens hem niet tot fabrikanten zoals Robland, maar speelt ook bij schrijnwerkers en andere bedrijven in de sector.
"Zo'n centrale kennisbank zorgt voor minder voorbereiding en meer leskwaliteit" - Pieter-Jan Muijs, Robland
Daarnaast wijst Muijs op de toenemende druk binnen het onderwijs. Zelf heeft hij een moeder en zus die actief zijn als leerkracht. "Ik zie ook bij hen dat het een stuk moeilijker wordt om gemotiveerde leerlingen te vinden met wie je kan samenwerken." Ook wordt de administratie zwaarder, waarmee hij verwijst naar de vele leerdoelen en afstemmingen waarmee leerkrachten vandaag worden geconfronteerd.
Het project sluit ook aan bij de bredere visie van Robland op lokale industrie en duurzaamheid. "Wij produceren en assembleren alles nog lokaal", zegt Muijs, "Maar dat wordt steeds moeilijker door de druk van lageloonlanden." Om die lokale maakindustrie te ondersteunen, is volgens hem sterk technisch onderwijs onmisbaar.
Samenwerking en kennisdeling
De stap naar het Vademecum Hout komt er niet toevallig. Robland werkt al jarenlang samen met het onderwijs, maar die samenwerking gebeurt vaak op individuele basis. "We hebben heel vaak met scholen verschillende projecten opgestart, maar ook alleen maar school per school", vertelt Muijs. De uitnodiging om mee te stappen in het Vademecum Hout biedt voor het eerst een overkoepelend alternatief. "PMG kwam het vademecum voorstellen en vroeg of we daaraan wilden meewerken. Voor mij was het vooral belangrijk hoe wij daar zinvol aan konden bijdragen."
"We moeten kennis delen en samenwerken. Alleen zo kunnen we een sterkere maakindustrie en beter technisch onderwijs maken"- Pieter-Jan Muijs, Robland
Voor Muijs vormt het Vademecum Hout een concrete manier om onderwijs en industrie dichter bij elkaar te brengen. "De industrie wil groeien. Er is een constante vraag uit de markt om te verbeteren en te versterken, maar daarvoor hebben we gemotiveerde jongeren nodig met de juiste vaardigheden en kennis. Het onderwijs speelt gewoon een sleutelrol om vakmensen klaar te stomen voor de arbeidsmarkt."
Dat kan volgens hem enkel door samenwerking en kennisdeling. "Zo’n centrale kennisbank zorgt voor minder voorbereiding en meer leskwaliteit, waardoor leerkrachten zich kunnen focussen op het lesgeven en op het begeleiden van hun leerlingen." Tegelijk krijgen leerlingen via het Vademecum een realistischer beeld van de sector, met voorbeelden en inzichten die rechtstreeks uit de praktijk komen.
Muijs concludeert dat het bouwen van bruggen tussen de werkvloer en de klaslokalen alleen mogelijk is als er gemeenschappelijke doelen zijn. "De toekomst begint vandaag. Het Vademecum Hout toont aan dat een samenwerking tussen industrie en onderwijs mogelijk is, maar ook echt een verschil maakt. Zowel voor de leerlingen als hopelijk ook later voor de arbeidsmarkt. We moeten die kennis delen en samenwerken. Alleen zo kunnen we een sterkere maakindustrie en beter technisch onderwijs maken."
Ook vanuit het onderwijs klinkt diezelfde overtuiging. "Dit blijft een uniek verhaal en dit gaat zeker een vervolg krijgen in de toekomst", benadrukt Buelens. "Ik kan alleen maar aan de andere afdelingen zeggen: sla de handen ineen en probeer ook zo’n resultaat te behalen als datgene dat we met de houtafdeling hebben bereikt."